Gedachtengoed

Je hoeft geen tijdschrift open te slaan of er staan gezellige uitstapjes, fietsritjes, picknickuitjes etc., kortom leuke dingen in gepubliceerd. Gezellig toch! Voor de meeste mensen onder ons wel. Helaas niet voor iedereen. Ik denk dan aan mensen die door hun ziekte beperkt zijn. Natuurlijk moet zo’n tijdschrift worden opgeleukt voor de lezers, anders wordt het blad nooit verkocht en gaat zo’n uitgeverij uiteindelijk ter zielen.
De maand Mei is traditioneel zo’n maand dat, zodra het zonnetje schijnt, mensen de kriebels krijgen om hun huis te ontvluchten. Ze gaan de natuur in, fietsen, rustig pedaleren door het landschap. Ergens op een terrasje zitten of zich neervlijen in het gras tussen de paardenbloemen.
Zo moest ik denken aan een buurjongen van mijn leeftijd die ergens in de jaren 60 regelmatig voor het woonkamerraam zat op de eerste etage van zijn ouderlijk huis. In 1964 was ik 12 jaar. Tom, zoals de jongen heette was van mijn leeftijd. Dat wist ik, omdat zijn moeder en de mijne ongeveer gelijktijdig waren bevallen in een van de ziekenhuizen in onze stad. Ik had medelijden met hem. Tom had geen vrienden. Geen kinderen die met hem konden spelen omdat hij invalide was aan zijn benen. Hij zag ze buiten spelen. De buurkinderen maakten weleens een praatje, maar daar bleef het vaak bij. Bij mooi weer droeg zijn moeder of vader na zijn werkzaamheden Tom de trap af en werd hij in zijn rolstoel gezet die onderaan de trap stond. Zo reed zijn moeder met hem door de stad.
Het was een tijd met weinig voorzieningen voor invalide mensen. Zo’n 20 jaar na de Tweede Wereldoorlog konden de meeste mensen geen goede woning vinden. Een enkele invalide kreeg een zogenaamde benedenwoning. Anderen moesten het doen met een etagewoning. Ongetwijfeld zullen er mensen zijn geweest die het geluk hadden om een goed optrekje te vinden.
De tijden zijn veranderd. Vandaag de dag zijn er goede woningen voor invaliden, hulpmiddelen, opvang en verzorgingstehuizen die zich ontfermen over deze hulpbehoevende mensen die in elke leeftijdscategorie voorkomen. Acties worden via de media op touw gezet om ze een leuke dag of een mooie trip te bezorgen. Helaas voor Tom en meer mensen uit die tijd was dit niet het geval, waardoor hun leven zo beperkt was. Door de regels heen in zo’n tijdschrift realiseer ik mij dat niets vanzelfsprekend is, hoe leuk zo’n tijdschrift een artikel ook plaatst.

Stank voor dank

thMOVW1CIV

 

Bij het instappen in mijn auto rinkelt onverwachts mijn Gsm. Ik neem op en hoor dat het mijn dochter is. Gelijktijdig zie ik dat een mevrouw haar boodschappentas naast haar auto neerzet. In haar linkerhand heeft ze een doos in haar handen en plaatst deze op het dak van haar auto. Daarna haalt ze haar autosleutels uit haar schoudertas. Ze opent haar achterportier en zet de boodschappentas op de achterbank neer. Even word ik afgeleid door het gesprek met mijn dochter die aan mij vraagt: ‘of ik al onderweg naar huis ben.’

‘Ik vertel haar dat ik zojuist de supermarkt heb verlaten en ik nu naar huis toe kom.’ Ik start mijn auto. In mijn gezichtsveld zie ik iets vreemds boven een paar auto’s uitkomen. Ik rijd het parkeervak uit en zie een auto het parkeerterrein afrijden met bovenop het dak van de auto een doos.

‘Oef! denk ik meteen. Dat is die mevrouw die met haar auto voor mij geparkeerd stond. Ze had de doos op haar autodak neergezet. Die heeft ze vergeten om in haar auto neer te zetten. Ik moet erom glimlachen. Het is zo’n gek gezicht zo’n doos bovenop een auto. Ik moet haar waarschuwen, mompel ik en rijd haar achterna het parkeerterrein af. Ze blijkt iets sneller te zijn dan ik. Halverwege de straat geef ik wat meer gas en geef een lichtsignaal. Ik zie dat ze remt. Wij rijden verder. De doos blijft, tot mijn verbazing, keurig staan. Net als ik de bocht neem geef ik weer een lichtsignaal en claxoneer ik. Aan haar lichaamstaal zie ik dat de vrouw waarschijnlijk geïrriteerd is. Ze zwaait met haar arm.

Ik voel mij opeens ongemakkelijk. Zal ik afhaken, vraag ik mij af? Mijn bedoeling is goed, alleen weet ze dat niet. Onverwachts zet ze haar auto aan de kant van de weg neer en stapt direct uit. Ik sta volop op mijn rem om te voorkomen dat ik tegen haar auto aan botst. Ze komt boos op mijn auto afgelopen. Ik stap niet uit en druk op een knop waardoor mijn raam van mijn portier automatisch opengaat. Meteen verheft ze haar stem en vraagt aan mij wat mij bezielt om lichtsignalen te geven en te toeteren. ‘Wil je mij soms voorbijgaan?’ schreeuwt ze. Ik laat haar even uitrazen. Haar antwoord geven heeft geen zin. Meteen heb ik spijt van mijn hulp. Ik ben haar geschreeuw opeens zat, onderbreek haar en zeg kalm: ‘Kijk eens op het dak van uw auto in plaats van tegen mij te schelden. Er staat namelijk een doos bovenop.’

‘Een doos! zegt ze verontwaardigd en draait zich meteen om. Er valt een stilte.

‘Als ik u niet gewaarschuwd had lag de doos nu ergens op de rijbaan. Ik zag op het parkeerterrein dat u de doos op uw autodak had neergezet omdat u uw handen vol had. Ik wilde u nog waarschuwen!’

‘Sorry! zegt ze tegen mij en ze loopt meteen naar haar auto toe. Ze haalt de doos van het autodak af en zet deze op de achterbank neer. Ik blijf nog een seconde wachten. Misschien komt ze nog terug. Ik zie dat ze even later haar auto instapt en wegrijdt. Ik ben stomverbaasd. Blijkbaar geneert ze zich voor haar gedrag. Een bedankje kan ik nu wel vergeten.  

Ik start mijn auto en rijdt dezelfde weg terug, maar nu richting huis. Op dat moment kan ik niet begrijpen dat iemand zo bot reageert. Ik voel mij bekakt en krijg stank voor dank. Het wordt eens tijd om mij voortaan niet meer met andermans zaken te bemoeien.

Bij thuiskomst vraag ik aan mijn dochter hoe haar dag is verlopen. ‘Goed hoor!’ mam, zegt ze. En die van u?’

‘Dat zal ik papa en jou vanavond wel vertellen, antwoord ik. En laat haar met een verbaasde blik in de woonkamer achter.  

   

  

De reddende engel

 

Ik ben trots op mijn man die gisterenavond een schaap heeft gered uit zijn benarde positie in de buurt van de Benthuizerplas. Hij ging die avond fietsen langs de plas en hoorde een geblaat van jewelste. Nu moeten jullie weten dat mijn man opgegroeid is in de polder. Een polderjongen let dan wat meer op geluiden etc. Hij keek op door het tumult en zag een schaap met zijn kop vastzitten in een afrastering van gaas. Het schaap was helemaal alleen en dat viel ook op. Helaas kon hij niet direct bij het schaap komen, omdat naast het fietspad een brede wetering ligt en dan pas het weiland. De enige manier was om naar de overkant te gaan. Na een omweg plaatste hij zijn fiets tegen een hek, deed zijn fiets op slot en klom over het hek heen en liep door het hoge gras van het weiland richting het schaap. Het schaap was nog steeds helemaal alleen en de andere schapen liepen aan de andere kant van het weiland. Het dier zat met zijn kop vast in het draadwerk. Met zijn handen trok hij het draad zover mogelijk open en het schaap trok uit zichzelf zijn kop eruit en zetten hem meteen op een lopen. ‘Bedankt voor de hulp hoor, riep mijn man het schaap al lachend na, die richting zijn soortgenoten was gelopen.’ Hoelang het schaap daar vastgezeten heeft weet niemand, waarschijnlijk de hele dag, anders had hij al vrij rondgelopen. Dankzij zijn oplettendheid heeft hij het schaap gered.

De reddende engel.

schaap

Ik ben trots op mijn man die gisterenavond een schaap heeft gered uit zijn benarde positie in de buurt van de Benthuizerplas. Hij ging die avond fietsen langs de plas en hoorde een geblaat van jewelste. Nu moeten jullie weten dat mijn man opgegroeid is in de polder. Een polderjongen let dan wat meer op geluiden etc. Hij keek op door het tumult en zag een schaap met zijn kop vastzitten in een afrastering van gaas. Het schaap was helemaal alleen en dat viel ook op. Helaas kon hij niet direct bij het schaap komen, omdat naast het fietspad een brede wetering ligt en dan pas het weiland. De enige manier was om naar de overkant te gaan. Na een omweg plaatste hij zijn fiets tegen een hek, deed zijn fiets op slot en klom over het hek heen en liep door het hoge gras van het weiland richting het schaap. Het schaap was nog steeds helemaal alleen en de andere schapen liepen aan de andere kant van het weiland. Het dier zat met zijn kop vast in het draadwerk. Met zijn handen trok hij het draad zover mogelijk open en het schaap trok uit zichzelf zijn kop eruit en zetten hem meteen op een lopen. ‘Bedankt voor de hulp hoor, riep mijn man het schaap al lachend na, die richting zijn soortgenoten was gelopen.’ Hoelang het schaap daar vastgezeten heeft weet niemand, waarschijnlijk de hele dag, anders had hij al vrij rondgelopen. Dankzij zijn oplettendheid heeft hij het schaap gered.

HULP UIT ONVERWACHTE HOEK

imagesCAYLB1SZTwee weken geleden las ik in de plaatselijke krant, dat een moedereend was neergestreken in een vijver van een besloten tuin met een hoog hek van een verzorgingstehuis. Toen ze een zestal eendjes kreeg, vloog ze regelmatig over het hek om voedsel te halen voor haar kroost. Vrij snel ontdekte ze dat ze niet voor voldoende eten kon zorgen en de eendjes waren nog te klein om over het hek te kunnen vliegen. Ze had een grote vergissing gemaakt. Vanaf die dag sloeg ze alarm om regelmatig te kwaken en hield de bewoners uit hun slaap. Een alerte vrouw van de eerste etage zag de situatie eens aan en had in de gaten dat er niet voldoende eten voor de kleintjes was, dus belde ze de plaatselijke Dierenbescherming en vroeg om hulp.

Eerst moest het gesloten hek worden geopend. De man van de Dierenbescherming wilde in eerste instantie moeder eend en de eendjes meenemen, maar moedereend protesteerde en kwaakte alsof het een lieve lust was en pikte als protest in de goede man zijn been. De vrouw zei op een zeker moment: ´dat ze de eendjes zelf dan maar wilde voeden’, waarop de man zei: ‘akkoord, maar dan moet u  ze als voedsel ´bix´ geven.’ Helaas was ´bix´alleen te koop in een grote baal, dus besloot de vrouw beschuit fijn te maken en dit te mengen met wat water. Vervolgens plaatste ze iedere dag schaaltjes met het mengsel bij de vijver. De spruiten groeien – volgens de laatste berichten- nu als kool en als ze groot genoeg zijn vliegen ze hun moeder achterna over het hek. Zo´n vrouw zou je toch in je armen willen sluiten!