Dialoog tussen twee keien.

Twee keien zaten tegenover elkaar in een park. Ze hadden een grote kei als romp en een kleine kei als hoofd. Ze stonden in keienstad Amersfoort. De gemeente had ze neergezet. Zo dichtbij elkaar en toch monddood.
Er kwam een jong en verliefd stel voor hun staan.
‘Wat zullen ze elkaar te vertellen hebben?’, vroeg het meisje aan haar vriend.
‘Ze lijken zo vertrouwd met elkaar’, antwoordde de jongeman.
‘Jammer dat ze niet echt zijn, misschien hebben ze een stenen hart, zei het meisje.’
‘Wat grappig dat je dit zegt, zo te zien zullen ze hier nog jaren zitten en ons overleven.’
‘Leuk dat wij ze even een ‘stem’ hebben gegeven, zei hij. Ze knikte met haar hoofd en liepen verder.

Bij elkaar en toch monddood.

imagesCADPD217Twee keien zaten tegenover elkaar in een park. Ze leken op moderne standbeelden, ontstaan uit twee grote keien die op rompen leken, met op elke romp een kleinere kei in de vorm van een gezicht. In keienstad Amersfoort hadden ze elkaar per toeval ontmoet. De gemeente had ze tegenover elkaar neergezet. Ze waren zo dichtbij elkaar en toch monddood.

Op een dag kwam er een jong en verliefd stel voor hun staan.

‘Wat zullen ze elkaar te vertellen hebben?’, vroeg het meisje aan haar vriend.

‘Ze lijken inderdaad heel vertrouwd met elkaar’, antwoordde de jongeman.

‘Toch jammer dat ze beiden niet echt zijn, misschien hebben ze een stenen hart, zei ze weer.’

‘Wat ‘grappig’ dat je dit zo zegt, zo te zien zullen ze hier nog wel jaren zitten en ons overleven.’

‘Leuk dat wij ze even een ‘stem’ hebben gegeven, zei hij lachend tegen haar. Ze knikte en liepen samen verder.