Emigratie naar Canada, deel 3

Na de vertraging vliegen ze vanuit Amsterdam naar het uiterste Zuidwesten van Canada, met als hoofdstad Victoria. Een stad in het zuiden van Vancouver-Island. Helaas zitten ze verspreid in het vliegtuig. De douaneformaliteiten gaan snel en hun koffers komen direct van de band afgerold. Nu nog even geld pinnen en ze lopen naar een korte rij met taxi’s. Buiten schijnt de zon. Het is gevoelsmatig 20 graden Celsius. Arjan loopt naar een taxi met Jake en Piëta in zijn kielzog.
‘Het lijkt hier eerder op India in plaats van Canada’, zegt Piëta. De meeste taxichauffeurs hebben een Indiaas uiterlijk en tulband op. Ook onze chauffeur.’
De licht getinte man doet zijn kofferbak open en plaatst de koffers en rugzakken erin. Arjan helpt Piëta instappen en gaat naast haar zitten. Jake neemt plaats naast de chauffeur.
‘Waar gaat de reis naar toe?’ vraagt de man in keurig Engels.
‘Naar Hotel ‘Inn’ aan de Fraser Rivier’ antwoordt Arjan.
Zonder nog een woord te zeggen loodst de taxichauffeur hun door het drukke verkeer van de stad naar het hotel. Ze zien dat de natuur rondom Vancouver prachtig is met Wildlife en veel mogelijkheden heeft voor buitenactiviteiten.
Vancouver blijkt een havenstad te zijn die wordt omgeven door de zee en de Coastal Mountains, leest Arjan hardop uit een brochure en vertelt dat de Coastal Mountains langs de 27.353 km lange Fjordenkust ligt, waarlangs een warme golfstroom spoelt. Ook vind je in Vancouver het beroemde ‘Stanley Park’ vervolgt hij zijn gesprek.
Bij aankomst zien ze inderdaad dat het hotel prachtig ligt aan de Fraser rivier. Over de rivier ligt een grote brug. Wat een wijds uitzicht zegt Piëta. De teller van de taxi blijft staan op 43 dollar. Ieder betaalt zijn deel. De bagage wordt uitgeladen en ze lopen naar binnen om in te checken bij de receptie.
Ik stel voor om morgen de Firma Fraserway te bellen over de huur van de campers. Zoals afgesproken worden het er dan twee in plaats van drie. Gaan jullie hiermee akkoord Piëta en Jake?’
‘Wat ons betreft is dat goed Arjan’ zegt Jake.

Afzonderlijk van elkaar gaan ze na het inchecken naar hun hotelkamer. Met een sleutelkaart opent Piëta haar kamerdeur. Haar koffers staan al binnen. ‘Hier klopt iets niet’ mompelt ze en kijkt op de label van de vreemde koffer. Deze koffer is van Arjan. Ze belt naar de roomservice, die even later de koffer van Arjan weer meeneemt. De kamer ziet er netjes uit. Er staat een bed in waarin je gemakkelijk met z’n vieren in kunt liggen. Ook de badkamer is groot. In de garderobekast legt ze het hoognodige aan kleding neer. Morgen trekken ze met z’n drieën door een deel van Canada. Het kan toch vreemdgaan met die ontmoeting met twee wildvreemde mannen. Ondanks ze met hun heeft gesproken kent ze hun nog niet. Ze besluit dat, als het onderling tussen hen niet klikt, ze alleen verder reist. Tot nu toe voelt het wel goed.

Bij binnenkomst in zijn kamer zet Jake zijn koffer op bed en loopt naar de badkamer. Hij draait de kraan open, pakt een miniflesje met lavendel van het planchet bij de spiegel en laat het geurige mengsel in het bad lopen. Hij laat zich in het bad glijden. De zeepbelletjes prikkelen op zijn huid en geven hem een relaxed gevoel. Dat had hij wel even nodig na zo’n lange vlucht. Na het badderen stapt hij in zijn korte short en gaat op de rand van zijn kingsize bed zitten. Zijn ogen prikken. Eerst nog de wekservice bellen, voordat hij zich misschien verslaapt.
‘Ziezo, zegt Arjan hardop, de campers zijn gereserveerd. Morgen gaan wij ze ophalen.’

Er wordt op de deur geklopt. ‘Komt u maar binnen!’ roept Arjan.
‘Hier is uw koffer mijnheer, die stond per abuis bij iemand anders in de kamer.’
‘Bedankt voor de service’ en geeft de man een fooi. Nu nog even de benen strekken en trekt de deur achter zich dicht. Bij het naar buiten gaan staat er een lichte bries. Hij wandelt over de boardwalk langs de rivier. Op twee terrassen van een groot restaurant is het nog behoorlijk druk. Na een half uur voelt hij zijn biologische klok die nog op de Nederlandse tijd geprogrammeerd staat en loopt de hele route terug. In het hotel ziet hij dat het inmiddels 24.00 uur is. Nu gauw naar mijn kamer toe om te gaan slapen, want morgen gaat onze gezamenlijke reis beginnen. Hij kan de slaap niet vatten en moet denken aan de twee reisgenoten die hij in korte tijd heeft ontmoet.

2 gedachtes over “Emigratie naar Canada, deel 3

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s