Bijnamen/pseudoniemen

 

Toen ik ooit met het schrijven van verhalen begon, had ik mijzelf een bijnaam, of beter gezegd een pseudoniem gegeven. Dat was nog niet zo gemakkelijk. Op een zeker moment kwam de naam Lea Lariekoek in mijn gedachte. Deze pseudoniem ontstond uit de voornaam van mijn peettante en Lariekoek paste daar precies bij. Mijn tante, de jongste zus van mijn moeder was een vrolijke vrouw die van een grapje hield op z’n tijd. Ze was wars van conservatisme. Daar hield ze niet van. Ze vond dat maar lariekoek. Je moest met je tijd meegaan, zei ze vaak. Helaas is ze op 50-jarige leeftijd overleden aan een hersentumor. Mijn pseudoniem heb ik gekozen als gedachtenis aan haar.

Een bijnaam is een bekende, niet-officiële naam van een persoon die voor de drager een positieve als een negatieve klank heeft. Je hebt spotnamen, scheldwoorden of koosnamen. Ze leiden allemaal hun eigen leven. De ene naam is positief terwijl de ander als onaardig wordt beschouwd. Heb je eenmaal een bijnaam dan ben je er je hele leven mee gezegend. Bijnamen zijn er al eeuwen geweest. Als je eenmaal zo’n bijnaam van derden had gekregen, werd je eigen naam nog amper gebruikt.

Bijnamen ontstonden vaak op verschillende wijzen. Als je pech had dat je je gezicht niet mee had door een vooruitstekende kin of een dikke neus, dan liep je het risico ‘de kin’ of ‘de neus’ genoemd te worden. Die laatste kon ook gebruikt worden als je een nieuwsgierig type was. Een wijsneus dus. Men kon dus worden afgerekend als je lichamelijke gebreken had. Sommige bijnamen kunnen ook stigmatiserend werken en de persoon in kwestie kwetsen. Men was dan in de aap gelogeerd, want je bijnaam droeg je meestal je hele leven mee.

Ook door vererving bleven namen soms generaties lang bestaan. De zoon van Piet Plezier werd dan Pietje Plezier of de gebroeders Hakkelaar. Ook kon het voorkomen dat je een bijnaam kreeg van de plaats waar je woont, zoals Van Veghel, Van Dordt, terwijl je achternaam Jansen was.

Zelfs mijn peettante Lea, werd ‘Pop’ genoemd. Ze was bij haar geboorte klein van formaat. Toen haar Brabantse opa in haar wieg keek zei hij, tegen de trotse ouders: ‘Lea lijkt op een kleine pop.’ Zolang ik mijn tante Lea heb gekend noemde men haar bij tijd en wijle ‘Pop’. Deze naam heeft ze tot aan haar overlijden met zich meegedragen.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s