Het is niet wat het lijkt

 

Lonny bestelde een biertje aan de bar. Hij kwam voor de eerste keer in dit café. Een vriend had hem verteld dat het er vaak erg gezellig was.
‘Ik kom uw bier zo brengen mijnheer!’ zei de barman tegen hem.
Hij wachtte rustig zijn beurt af. Het was niet druk aan de bar. Twee personen kon hij op één hand tellen. Ze zaten naast elkaar. Hij zag dat een opgedirkte vrouw van middelbare leeftijd met een ballpoint hardhandig op een viltje schreef. Hij keek nog eens goed. Er lagen drie volgeschreven viltjes op de bar. De tekst kon hij vanuit zijn positie niet lezen.
‘Lukt het mevrouwtje?’ hoorde hij opeens de barman tegen haar zeggen.
‘Wat mot je nou man? Laat mij met rust?’
‘Doe dat dan ook met mijn viltjes. Ze zien er niet uit. Zo kan ik ze niet meer presenteren onder een glas bier’ gaf hij als antwoord.
De man naast haar op de barkruk knikte bevestigend. Ze keek hem schuin aan en fronste haar grove wenkbrauwen.’
‘Als je ergens mee zit meid, ik ben een en al oor.’
‘Ik ben je meid niet hoor. Ik ga mijn hele hebben en houwen niet vertellen aan een wildvreemde vent, antwoordde ze.’
De man naast haar gaf geen antwoord meer en nam een nip van zijn borrel. Hij richtte zich nu naar de barman en vroeg aan hem: ‘Waar is je compagnon eigenlijk Joop? Hij is hier namelijk altijd.’
Hij moest perse naar een bruiloft toe Henk. Ik baalde wel dat hij uitgerekend vandaag weg moest. Vandaag bestaat ons café namelijk vijfentwintig jaar. Alsof de duvel ermee speelt is het vandaag angstvallig stil. Waar mijn vaste klanten uithangen weet ik niet.’
Hij liep naar zijn nieuwe klant toe en zetten het bier voor hem neer. Deze is van de zaak mijnheer, omdat het vandaag feest is.
Lonny bedankte hem.
‘Proost! op uw vijfentwintig jarig jubileum, zei hij.’
Hij nam een slok van het bier en keek weer naar de man, die volgens Joop, Henk heette. Hij zag er sjofel uit. Zijn hemd hing uit zijn broek. Hij had een stoppelbaard en zijn haar zat door de war. Hij zag er niet al te florissant uit.
Nu keek hij in de rondte van het café. Het was inderdaad niet erg druk zag hij. Twee barkrukken verwijderd van deze personen nam hij nu plaats op een barkruk. De vrouw ging verwoed door met schrijven. Uit haar rode handtas pakte ze een doosje sigaretten.
‘Krijg de kolere, waar is die aansteker nou gebleven?’ zei ze met een schelle stem.
Joop deed net alsof hij niets hoorde en ging verder waarmee hij bezig was. Op de een of andere manier kwam de stem van de vrouw hem wel bekend voor. Hij had haar hier nog nooit gezien.
‘U mag hier niet roken mevrouw!’ zei Henk. Ziet u dat bord daar? Vanaf 1 januari mag er binnen niet meer gerookt worden.’
‘Heb je soms de pik op mij, zei ze? Je lijkt die politici wel met al hun stomme regels.’
Henk zei niets meer zag Lonny en hij nam een laatste slok van zijn bier.
‘U heeft toch gehoord wat die mijnheer naast u tegen u zei? Die sigaret moet nu uit’ zei Joop en kwam naar haar toegelopen.
‘Wilt u de sigaret buiten uitdoen mevrouw? ik heb namelijk geen asbakken meer in de zaak.’
‘Dan doe ik het toch zo!’ en ze drukte hardhandig de sigaret uit op één van de ongeschreven bierviltjes.
‘Ik ben u nu zat mevrouw! als u zich niet gedraagt verwijder ik u uit mijn café.’
Nu zal je het hebben, dacht Lonny. Zo gezellig is het hier toch niet.
Hij kon maar niet begrijpen dat deze vrouw aan de bar zo’n platvloers type was. Ze zag er keurig uit. Haar halflange haren waren blond. Ze had dure kleren aan en was meer het jetset type. Haar gezicht zat wel erg dik onder de make-up en volgens hem had ze valse wimpers op. Hij stapte van zijn barkruk af en liep naar haar toe en bood haar een drankje aan. Ze maakte hem op de een of andere manier nieuwsgierig. Was deze vrouw wel zichzelf? Waarom had ze zo’n afschuwelijk taalgebruik?’
Opeens hoorde hij buiten rumoer. Wat was daar aan de hand?
‘Voordat u mij een drankje aanbiedt moet ik even weg. Ze stapte meteen van de barkruk af en trok onverwachts aan de koperen bel die aan de bar hing.
‘Ik trakteer op een rondje van de zaak, omdat het vandaag feest is’ zei ze.
‘U bent nu wel heel erg brutaal mevrouw!’ zei Joop. De nieuwe klant biedt u nota bene een drankje aan en u loopt weg.’ Ik heb het met u gehad. Komt u maar met mij mee?’
Lonny zag dat de vrouw onverwachts haar half lange haar van haar hoofd aftrok, waardoor een zwart kapsel zichtbaar werd. Joop was met stomheid geslagen.
‘Paul, jij? stamelde hij. Je zou toch naar een bruiloft gaan? En waarom ben je verkleed?’
‘Eerlijk gezegd ben ik niet verkleed naar een bruiloft gegaan, maar naar ons café. Vandaag vieren wij ons jubileum. Ik wilde je verrassen Joop.’
‘Nou, dat is dan aardig gelukt Paul.’
Meteen liep Paul naar de ingang van het café, opende de deur en riep tegen de vaste klanten die buiten op de stoep stonden: ‘Kom maar binnen mensen het feest kan beginnen!’
‘Wat een verrassing! zei Joop toen iedereen binnen was. Opeens richtte hij zich tot Henk. ‘Hoe zit het eigenlijk met jou?’
‘Ik heb het spel maar meegespeeld Joop, op verzoek van Paul. Wij wilde je samen met alle klanten verrassen.’
‘Gefeliciteerd! riepen ze allemaal in koor.
Lonny was ook verbaasd. Zijn vriend had toch gelijk gekregen. Het leken gezellige vaste klanten. Op de een of andere manier voelde hij zich toch opgelaten. Hij was een nieuwe klant en stond op en wilde afrekenen.
‘Wacht nog even mijnheer, zei Joop tegen Lonny en hij trok nu aan de bel. Voor iedereen in de zaak een rondje omdat het vandaag feest is.
‘Wat wilt u drinken mijnheer? zei hij weer tegen Lonny.
‘Doet u mij maar een grote kop sterke koffie, daar ben ik nu wel aan toe?’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s