Teuntje

 

 

Teuntje was een lichtekooi in de Jordaan in Amsterdam. In de eens zo goede buurt, waar middenstanders hun brood verdienden, hielden een aantal vrouwen een onzedelijke levenswijze eropna. Dat gold ook voor Teuntje, die in het jaar 1820 werd geboren in een krot in de Jordaan. Haar wieg was een stijfselkistje. Ze had haar vader amper gekend. Hij had zich op een dag doodgedronken, had haar moeder haar verteld. Men vond hem laveloos aan de oever van het ij. Het scheelde maar weinig of hij was in het water gevallen en verdronken. Toch waren er zat mannen in haar moeders huis die zich om haar moeder ontfermde had ze gemerkt. Rond haar pubertijd kwam ze er al snel achter wat ‘ontfermen’ in hun kringen betekende.

Hoofdzakelijk ruwe kerels kwamen er over de vloer. Een klant die regelmatig kwam was Abraham, die bekend stond als ‘de aardappel.’ Dit kwam door zijn stevige pokdalige neus. Hij was zeker geen schoonheid, maar was ook de kwaadste niet. Hij was uitbater van ‘de Moriaan’ een kroeg aan de rand van de Jordaan. Daarnaast was hij een pooier die een aantal vrouwen had, die hun liefdadigheid uitoefende in hun eigen huis. Een daarvan was Anna Bella die door haar klanten Bella werd genoemd. Naast dat hij pooier was, kwam  hij ook als klant bij haar. Hij was al jaren in stilte verliefd op Bella. Zelfs toen ze met zijn vriend Jaap trouwde liet hij dat niet merken. Jaap had het in zijn jeugd niet getroffen met een moeder die haar zoon afranselde. Toen hij op een dag hoorde dat zijn vriend zich doodgedronken had, was hij niet verbaasd dat hij aan de drank was verslaafd.

Bella en haar dochter waren nu samen. Hij had medelijden met Jaap zijn dochter Teuntje, die opgroeide als een mooie bloem. Het meisje had zijn dochter kunnen zijn. Na een mislukte relatie met de magere Willemien, had hij nooit meer een vrouw gehad. Teuntje had de schoonheid van haar moeder. Het meisje had astma wist hij. De krot waarin ze samen met haar moeder woonde was vochtig. Door het vocht zat de schimmel dik op de muren. Inmiddels was Teuntje achttien jaar. Ze begon op te vallen bij de mannen die haar moeder bezochten. Al jong had Teuntje meegemaakt dat er een man bij haar moeder kwam die losse handen had. Op een keer was haar moeder het zat om steeds door hem te worden afgerost. Ze had uit de keuken een deegroller gepakt en de kerel een hersenschudding geslagen. Daarna had ze de man nooit meer gezien. Een diender had Bella nooit gezien na het incident. In de buurt waar ze woonde, had men een code. Horen, zien en zwijgen was het motto.

Teuntje moest nu aan het werk. Het kon niet uitblijven dat ze het werk ging doen als haar moeder deed. Abraham zag met lede ogen aan dat Teuntje een zwakke gezondheid had. Het ging niet goed met haar. Voor zijn gevoel moest hij iets doen. Anna Bella en Teuntje moesten weg uit de gammele en vochtige krot.

Al enige tijd stond er naast zijn kroeg een koetshuis leeg met daarboven een dubbel bovenhuis. Na de dood van Simon, de eigenaar van het koetshuis, werden zijn paarden en koetsen weggehaald. Het leek hem een goede investering om het pand te kopen. In de loop der jaren had hij aardig wat geld gespaard.

Op een avond ging de trekbel bij Anna Bella.

‘Wie kon dat nu zijn? vroeg ze zich af. Klanten kwamen zelden zo laat in de avond langs. Het was rond bedtijd. Ze gaf een ruk aan de voordeur die steevast klemde. Daar stond Abraham in het schemer.

‘Wat moet jij hier op dit nachtelijk uur Abraham’ vroeg ze verbaast aan hem.

‘Ik wil wat met je bespreken Bella? antwoordde hij.

‘Kom binnen man? Koffie is helaas op de bon’ zei ze alsnog. Hij nam plaats aan de gammele keukentafel.

‘Maakt niet uit Bella. Mijn kroeg heb ik zojuist gesloten. Zoals je weet was jouw Jaap een van mijn beste vrienden. In dit krot waar je woont met Teuntje valt niet meer te leven. Naast mijn kroeg ‘de Moriaan’ staat een koetshuis te koop met een bovenetage. Omdat ik jou en Teuntje een warm hart toedraag zou ik graag willen dat jullie in dit pand komen wonen. Je kunt je klanten daar ontvangen. Ook doe ik het voor je dochter die zoveel hoest dat ze misschien het jaar niet haalt als jullie hier blijven wonen.’

Met verbazing hoorde Bella het gesprek aan. ‘Hoe zit het dan met de huur Abraham? Ik kan hier nog net mijn hoofd boven water houden.’

‘Alles blijft bij het oude Bella voor wat betreft het geld. Het enige wat veranderd is je huis. Je klanten weten je wel te vinden. Zo kan ik jou en Teuntje beter in de gaten houden.’

‘Hoe denk je over mijn voorstel?’

Wederzijds viel er even een stilte.

De deur ging open van het woongedeelte. In de opening stond Teuntje met een glimlach op haar gezicht. ‘Moeder, niet boos worden. Ik hoorde de trekbel en stemmen in de woonkamer. Zojuist hoorde ik het gesprek tussen ome Abraham en jou.’

‘Voor Teuntje verhuis ik Abraham. Mijn kind wordt inderdaad met de dag zieker. Ik weet niet waar wij dit aan te danken hebben.’

‘Hij stond op en trok Bella speels naar zich toe en zei: ‘Ik zal regelen dat er een klant van mij met een handkar wat spullen van jullie op komt halen.’

Er was een jaar voorbijgegaan. Bella en Teuntje woonden dankzij Abraham in hun nieuwe gestoffeerde woning op de Wallen. Teuntje zei haar werk vaarwel en ging werken in de kroeg van Abraham. Ondanks dat haar moeder en zij het nu beter hadden bleef de gezondheid van Teuntje Abraham zorgen baren. Uiteindelijk werd de astma Teuntje in 1852 fataal en stierf ze aan een logontsteking. Een paar jaar later trouwde Abraham met Anna Bella die, net als haar dochter, haar leven als prostituee vaarwel had gezegd. Voor de  eerste keer in haar leven werd ze onderhouden door een man die al jaren een oogje op haar had.

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s