Stiltecentrum

 

 

Bij binnenkomst in de praktijkruimte van de huisarts tref ik een aantal mensen aan. Zoals bijna iedereen neem ik mijn beleefdheidsvorm in acht en zeg ‘Goedemorgen.’

Niemand reageert. Zie ze mij soms over het hoofd. Ik ben namelijk 1.60 cm. Zou dat het zijn? Ik neem plaats aan een lange leestafel en kijk in de rondte. Het is nog vroeg in de ochtend. Dat is het misschien? Zeven personen zitten her en der verdeeld en allen voorovergebogen met hun neus voor hun IPhone. Waar is de tijd gebleven dat mensen met elkaar een praatje maakte?

Ergens in de ruimte valt er iets. Ik ben blijkbaar de enige die daarvan opschrikt. Niemand hoort of ziet iets. Zal ik eens hardop ‘brand!’ roepen, denk ik bij mijzelf. Misschien dat iemand dan reageert. Er zit een jonge vrouw met haar kind op schoot. Blijkbaar heeft de jongen in de gaten dat er op een speeltafel houten treintjes staan. Hij glijdt van haar schoot af en loopt ernaartoe. Nadat hij even heeft gespeeld loopt hij even later naar haar terug met een treintje in zijn hand.

‘Mama kijk?’ zegt hij tegen haar. Hij heft het treintje omhoog. Mama reageert niet. Weer doet het kind een poging. Mama luistert niet. De IPhone is voor haar heilig. Haar zoon blijkbaar niet. Nu zet hij het op een krijsen. Inwendig moet ik lachen. Enkele mensen worden even wakker geschud, om vervolgens weer in gebogen toestand het apparaat te koesteren.

Intussen lijkt het hier op een stiltecentrum. Als ik nu languit op de leestafel zou liggen zou niemand het merken, denk ik zo. In gedachte zeg ik dat tegen de grote palmboom die niet ver verwijderd van mij in een pot staat. Helaas is de plant er niet voor gemaakt om iets terug te zeggen. Jammer.

Eindelijk wordt de stilt onderbroken door de stem van de huisarts die mijn naam roept. Er is dus nog een teken van leven. Na het consult zie ik nog vier personen zitten die blijkbaar nog niet aan de beurt zijn. Nog steeds is het stil.

Ik wordt er door geprikkeld en roep hardop: ‘En mensen zijn de berichten spannend?’

Ik loop door, kijk niet om en loop richting de uitgang. Gelijktijdig krijg ik een lachstuip. Zo die had ik  daar zojuist even tuk, denk ik nogmaals. Er passeert een mevrouw die mij vreemd aankijkt en net de praktijkruimte naar binnen wil gaan.

‘Als ik u was zou ik maar niet naar binnen gaan’ zeg ik snel tegen haar. Het is zo’n dooie boel binnen. De Iphone club is er vertegenwoordigd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s