Zwemangst

Haven tegenover hotel Kosta Palace

 

Hoe vaak ik zwemles heb genomen is ontelbaar. Angst voor diepte heb ik. Zwemmen in zee is al helemaal geen optie. Het tegenstrijdige is, dat ik meega op een cruiseschip, in een roeiboot stap of op een zeiljacht. Blijkbaar realiseer ik mij niet genoeg, dat het gevaar om over boord te slaan aanwezig kan zijn. Dan heb ik een groot probleem. Wie helpt mij?

Bijna dagelijks ben ik met onze dochter naar het zwembad geweest om haar te leren zwemmen. Ze heeft al haar diploma’s gehaald, zelfs bij de Reddingsbrigade in onze woonplaats. Mijn man zwemt gelukkig ook en is geen angsthaas zoals ik.

Meermalen heb ik het geprobeerd om te zwemmen, maar kon de angst voor diepte maar niet overwinnen, zelfs niet als er iemand naast mij zwom. Mijn badpak ligt al jaren in de kast en is inmiddels rijp voor een museum.

Mijn vader had hetzelfde zwemprobleem. Ook hij had moeite met zwemles. Hij kende geen goede start. In militaire dienst zou hij les krijgen van een van de soldaten. Hij begon enthousiast en zat deels vast aan een zogenaamde hengel die vandaag de dag niet meer wordt gebruikt. In plaats van hem te leren zwemmen liet de soldaat expres de hengel enigszins de diepte in gaan. In plaats van plezier te hebben, ontstond er angst. Jaren later deed hij nog een poging. De zwemleraar adviseerde hem om te stoppen omdat het meer stress dan plezier opleverde.

Omdat wij dicht bij de Noordzeekust wonen gingen wij vaak naar het strand. De zee heeft altijd een aantrekkingskracht op mij gehad. Ik houd van de Friese meren, sloten, vijvers etc. Als kind in een roeiboot zitten om te gaan vissen samen met mijn vader deed ik zonder angst. Wel moest ik van hem altijd rustig blijven zitten. Als er iets zou gebeuren konden wij elkaar niet redden.

Ook mijn moeder kon niet zwemmen. Wij woonden in de stad. Omdat veel grachten in mijn stad al jaren geleden waren gedempt, was het risico om te verdrinken niet direct aanwezig. Hoe anders was het in het dorp van mijn man. Hij woonde aan een brede vaart. Vanaf zijn ouderlijk huis was het twee stappen lopen richting het water. Als kind zwom hij daar samen met zijn broers en zussen en de dorpskinderen.

Ik heb diverse sporten gedaan als kind behalve zwemmen. Angst is een slechte zaak en ik kan het weten.

 

Advertenties

Marketing

Marketing

 

De markt wordt de laatste jaren overspoeld met de leukste en hartverwarmende cadeaus voor onder andere Valentijnsdag. De marketing van winkels speelt daar natuurlijk op in. Op een uitzondering na schijnt Valentijn vooral een happening te zijn voor vrouwen en jong volwassenen. Ze hopen in stilte iets te ontvangen van hun geliefde. Maar ook zijn er mannen die zich vereerd voelen als er iemand aan hun denkt.

Er zijn mannen die daar direct op inspelen en iets leuks kopen voor hun vriendin of vrouw. Dat geldt natuurlijk ook voor vrouwen die hun lover iets leuks willen geven. Toch zijn niet alle mannen zo attent. Je hebt mannen die hun geliefde regelmatig verwennen met cadeaus. Dat hoeft niet altijd met Valentijnsdag te maken te hebben. Zo af en toe kopen ze waarschijnlijk een bloemetje of een ander speciaal cadeau. In de prijs hoeft het niet te zitten. Een klein gebaar is vaak heel speciaal.

Toch zijn er mannen die zich niet bezighouden met dit soort speciale dagen. Sommige vergeten het door hun drukke werkzaamheden of staan er simpelweg niet bij stil. Anderen zijn zo nuchter en zien het nut van Valentijnsdag simpel weg niet in.

‘Een van mijn zoons is jammer genoeg niet zo attent voor Moederdag, hoorde ik eens een mevrouw tegen haar vriendin zeggen. Zijn andere broers vergeten mij niet’ vervolgde ze haar verhaal.  

‘Hij zal ongetwijfeld wel van je houden, maar dan op zijn manier. Liefde is nu eenmaal niet te koop’ antwoordde haar vriendin en daar kon ze het mee doen.

‘Al die flauwekul voor zo’n dag’ vertelde een kennis én publiek tijdens een verjaardag waarbij mijn man en ik aanwezig waren. Ik werk voor mijn gezin. Valentijn is geld spekken voor de winkelier. Zijn vrouw was het er duidelijk niet mee eens.

Mannen en vrouwen kun je nu eenmaal niet op één hoop gooien. Iedereen is nu eenmaal verschillend. Natuurlijk zijn er vrouwen die hun mannen een stille hint geven dat hij aan haar denkt rond Valentijnsdag. Meestal ligt het idee bij de vrouw die nu eenmaal gek is op attenties.

Toch zijn er ook vrouwen die al dat gedoe rond Valentijn maar niets vinden. Alleen Sinterklaas en de Kerst blijkt bij ons Hollanders erin gebeiteld te zitten. Deze feesten zitten nu eenmaal in onze genen. Daarentegen staat Valentijnsdag nog in de kinderschoenen.

 

Kwalijke gewoontes

 

 

Recent zie ik weer reclamebeelden op de tv met kinderen uit Zuid-Afrika die honger hebben. Zolang ik hier op aarde rondloop, is dit helaas een terugkerend drama voor mensen en kinderen die soms niets te eten hebben. Het houd niet op. Onverwachts moet ik denken aan de eerste schooltijd van onze dochter. In de ochtend smeerde ik boterhammen met beleg dat ze lekker vond. Niet frequent, maar zo af en toe kwam ik erachter dat haar boterhammen nog diezelfde dag in haar tas bleven zitten. Misschien was het een eenmalige actie en besteedde ik er in eerste instantie geen aandacht aan.

Vaak ging het goed tot ik op een dag haar prullenbak in haar slaapkamer leegde en een verrotte banaan aantrof en een boterham in een open plastic zakje, in plaats van twee. Die ene boterham had ze dus blijkbaar wel opgegeten. Op een dag vroeg ik alsnog aan haar: ‘waarom ze zo af en toe  haar boterhammen niet op at op school. ‘Vaak is mijn boterham niet lekker meer mam, omdat die de hele ochtend in een plastic boterhamzakje in mijn schooltas heeft gezeten.’

Bij mij lag dus het probleem. In het eerste schooljaar deed ik inderdaad haar boterhammen in een plastic zakje. Niet lang erna kocht ik een broodtrommeltje met een drinkbeker. Het euvel van het weggooien was opgehouden. Toch vond ik op een keer weer een boterham in de afvalbak van de keuken.

‘Begint het weggooien van brood nu weer?’ vroeg ik aan haar.

‘Sorry mam!’ ik kreeg van een klasgenootje een zak patat tijdens de pauze.

Omdat ze zag dat ik moeite had met het weggooien van eten, beloofde ze dat ze dit niet meer zou doen. Er kwam een tijd dat ze met haar zelf verdiende geld op school eten kocht bij de cateraar.

Recent zat ik op een terras in het stadscentrum toen ik vanuit mijn ooghoek een paar scholieren op een bank zag zitten. Bij het opstaan haalde een van de jongens een plastic boterhamzakje uit zijn schooltas en deponeerde dit in een afvalbak die naast de bank stond. Een van de vier meisjes deed hetzelfde en ze liepen naar een bekende frietkiosk niet ver daar vandaan. De geschiedenis zal zich wel blijven herhalen bij sommige jeugdigen. Een kind aan de andere kant van de wereld heeft niets te eten, terwijl sommige van onze kinderen zich niet beseffen wat honger is.

 

Verhuizen in huis

$(KGrHqF,!ocFCreMbg(6BQ0R(qt2Ew~~60_84

 

Afgetaaid zit ik vanmorgen op mijn bank. De woonkamer en de zolder gingen gisteren op de schop. Wat kan een mens bewaarziek zijn. De nieuwe meubels zijn gisterenmiddag gearriveerd. Het gratis ophalen van onze nog zo goed als nieuwe grenen meubels liep niet zonder slag op stoot. De grenen open haard, Cd-kast, salon- en eetkamertafel en een kastje mochten mee. Een van de chauffeurs deed moeilijk over een bijbehorende hoek tv-kast waarin ook nog ruimte is voor audioapparatuur.

‘Ik heb gisteren een coördinator van jullie stichting opgebeld dat de bijbehorende tv-kast meegenomen kon worden’ vertelde ik de man. Hij was helaas doofstom en bleef maar ‘nee’ schudden met zijn hoofd. Hij verstond mij wel. Ik sprak met zijn collega dat alle meubels qua stijl en houtsoort bij elkaar hoorden. Waarom zijn collega de kast niet meenam was voor mij een raadsel?

‘Wat is dan de reden?’ vroeg ik aan de dove. Zijn collega vertaalde mijn vraag met handgebaren.

‘De kast is niet aantrekkelijk voor ons en is onverkoopbaar mevrouw’ vertaalde zijn collega, die keurig ABN sprak.

‘Dat is voor mij erg jammer. Vanmiddag worden mijn nieuwe meubels gebracht en staat de tv-kast in de weg. Ik kan hem in mijn eentje niet op mijn bult sjouwen. Trouwens als deze nog goed uitziende kast onverkoopbaar is schenk hem dan aan het Leger des Heils voor mensen die soms geen cent te makken hebben?’

Omdat wij niet tot een besluit kwamen, belde de man zijn coördinator en mocht de tv-kast alsnog meegenomen worden.

Vanochtend moest ik denken aan mijn grootvader die ooit handelden in tweedehands meubelen. Hij had zich in zijn graf omgedraaid.

Natuurlijk begrijp ik dat vandaag de dag meubeltrends regelmatig veranderen. Niet iedereen koopt frequent nieuwe meubels behalve dan jonge starters en pasgetrouwde stellen. Na zestien jaar tegen het grenen aangekeken te hebben, wilden wij een modern interieur. Onze goederen zagen er nog puik uit. Veel mensen zijn vandaag de dag erg verwend. Ze kopen frequent diverse spullen. Anderen kunnen dit door te kort aan financiën niet doen. Helaas worden goede meubels soms vernietigd, die bij anderen een tweede kans zouden kunnen krijgen. Tweedehands meubels en andere zaken worden tegenwoordig grif gekocht. Vooral antieke spullen zijn favoriet, maar ook meubels die door de koper een metamorfose ondergaan en worden geschilderd. Grenen is daar een goede houtsoort voor. Alsnog hoop ik dat onze tweedehands spullen nog een tweede leven krijgen.

Poppenmineur

houten-poppenwagen-oranje

 

Als kind speelde ik nooit met poppen. Ik had er simpel weg niets mee. Ze zaten daar maar onbeweeglijk op hun stoeltjes mij aan te staren. Ik kon de fantasie niet opbrengen om met ze te spelen. Moeder had blijkbaar niet in de gaten dat poppen geen favoriet speelgoed waren. Als poppen konden bewegen dan was het een ander verhaal geweest. Ik zou ze hebben gekoesterd. Toch kreeg ik tijdens verjaardagen, Sinterklaas en Kerst een pop. Diep in mijn hart dacht ik dat moeder de poppen zelf leuk vond.

Ooit vertelde ze mij een verhaal dat ze een mooie pop had gekregen van haar ouders. Ze was er erg blij mee. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam op een zeker moment de hongerwinter in Nederland. Door haar ouders werden kostbare zaken verkocht voor voedselbonnen. Er waren nu eenmaal vijf monden te voeden. Mijn moeders enige pop werd haar ontnomen met de mededeling: dat deze werd geruild voor voedselbonnen om het schaarse eten dat er nog was te kunnen kopen. Hoe verdrietig kan een kind zijn. Ze kon niet anders dan zich erbij neer te leggen.

Mijn eigen poppen verdwenen voorgoed in de speelgoedkast. Ik hield mij liever bezig met mijn diverse creatieve hobby’s. Het blijkt niet altijd zo te zijn, dat meisjes nu eenmaal poppenmoeders  moeten zijn en jongens treinmachinist.

Na mijn bevalling kreeg ik van een schoonzus een meisjespop. Onze dochter bleek ook geen poppenmoeder te zijn. Ze is een sportief meisje, ondernemend en klauterde het liefste in bomen en hield van voetballen. Toen mijn schoonzus op een dag aan mij vroeg of onze dochter haar eerste pop nog had, kon ik haar niet meteen vertellen dat de pop er niet meer was. De reden was dat de kop van de pop was toegetakeld met viltstift. Er waren nepwimpers op getekend en haar wangen waren knalrood geschilderd. Haar jurkje zat vol met viltstiftvlekken. Liesje, zoals de pop heette zag eruit als een verwaarloosde punker.

Met geen mogelijkheid kreeg ik de viltstiftkleuren van Liesje haar kop af en verdween – met toestemming van onze dochter – ze bij het grofvuil.

Wij zijn erg blij met onze dochter. Ze doet het goed als jonge vrouw in de maatschappij en ze heeft een positieve kijk op het leven. Zo weinig ik toentertijd met poppen had, zoveel houden mijn man en ik van haar. Mijn poppen hebben daar zeker geen bijdrage aan geleverd.

 

Agnes

Agnes

 

Ik lig languit op de bank, Mijn gedachten dwalen af naar mijn oude schoolvriendin Agnes. In de klas viel ze al op. Ze had een eigen kledingstijl. Anders dan ons. Als de stijl van mode lang was, dan droeg zij korte kleding. Ook maakte ze zichzelf anders op dan ons klasgenoten. Ze had aantrekkingskracht op jongens met haar blonde haren en blauwe ogen. Toch wilde ze niet direct iets van hun weten. Ze was nogal kieskeurig wat jongens betreft.

Net als ik hield ze van dansen. Altijd was er wel iemand die met ons wilde dansen. Wij vonden dat leuk, maar hadden geen interesse voor verkering. Sneller dan ik had gedacht ging ze onverwachts van school af en ging werken bij een internationaal bedrijf. Ze was een ondernemend en doortastend type. Na mijn schooltijd ging ik ook op kantoor werken. Wij bleven vriendinnen. Toch bleef ze de gewoonte houden om mijn uiterlijk te veranderen. Ze vond mijn eyeliner simpel en veranderde mijn manier van make-up gebruiken. Ondanks ik eigentijdse kleding droeg gaf ze mij nog wat andere kledingadviezen. In het begin vond ik het leuk, maar later ontstonden tussen ons irritaties.

‘Blijf toch jezelf? mopperde mijn moeder. Ze verandert jou steeds. Wil je dat eigenlijk wel?

‘Sommige dingen vind ik wel leuk, maar andere dingen weer niet. Ik wil er niet zo opzichtig bijlopen’ gaf ik als antwoord.

‘Let maar op dat Agnes vroeg of laat een rijke kerel trouwt, ze neemt niet met minder genoegen’ zei moeder weer. Het is een eigenzinnig type.’

Jaren later kreeg mijn moeder gelijk.

Vanaf het moment dat ze in Den Haag een welgestelde Amerikaan had ontmoet, verwaterde onze contacten. Ze bevond zich in hele andere kringen, waar ik alleen maar van kon dromen. Uiteindelijk gingen ze wonen in een luxeappartement in het Kurhaus in Scheveningen kwam mij ter oren. Op een dag kwam ik haar weer eens tegen. Ik kende haar niet meer terug. Ze had zich een elitaire houding aangemeten. Uiterlijk en door haar manier van praten was ze Agnes niet meer. Omdat ze in andere kringen kwam, had ze geen tijd meer voor mij en anderen.

 

Op een dag vertrok ze voorgoed naar Amerika met haar rijke echtgenoot zonder afscheid te nemen van mij Later vernam ik dat ze gescheiden was van haar Amerikaan en een nog rijkere man had gehuwd. Toch blijft Agnes voor mij een bijzondere vrouw.het Kurhaus

Algeciras

media_xl_1657366

De zon brandt op mijn klamme huid. Er hangt een verzengende hitte. Er is zelfs geen zuchtje wind. Wel een ondragelijke stank van rotte vis in het havengebied van de Spaanse havenplaats Algeciras. In de buurt is een visfabriek. Ik moet er bijna van kokhalzen. Ik ben nog niet zo lang in deze stad. Zoals iedereen doe ik mijn boodschappen in het oude centrum. Het is nog geen siëstatijd. Toch hangt de zon als een koperen ploert boven mijn hoofd. Voor de zoveelste keer neem ik een slok van mijn koele water die ik steevast meeneem in mijn schoudertas.

‘Jij boft maar dat je heerlijk in Spanje vertoeft, vertelde een vriendin mij voordat ik vertrok.’

Ze moest eens weten. Zwemmen biedt verkoeling, maar 24 uur in een zwembad liggen gaat mij iets te ver. Het zand op het strand is bijna niet te belopen, dus slippers aan is zaaks. Ik kan ook niet wennen aan de hoeveelheid vliegen die rondzwermen rond de marktkramen. Vooral als er vlees of vis wordt verkocht. Hoe kunnen de Spanjaarden die hier wonen functioneren. Er zijn toch ook mensen die op kantoor of een bank werken en binnen vertoeven.

Voor degenen die werkzaamheden buiten hebben lijkt het mij een zware dobber. Zelfs in de avond als de zon allang is vertrokken voelt het nog warm. Krekels sjirpen alsof het een lieve lust is. Hoe vaak sta ik dagelijks onder de douche. Onbegonnen werk als je de transpiratiedruppels weer voelt opkomen. Mijn vriendinnen hebben wel iets met Spanje. Blijkbaar ben ik een uitzondering op de regel en heb ik moeite met de hitte.

Heb ik hiernaar verlangd toen buiten koud en guur was en er volop sneeuw lag? Wat koesterde ik toen de warmte. Ongetwijfeld zal ik hier wel weer een keer komen, maar dan in oktober. Ik wil namelijk nog enkele historische bouwwerken bezoeken. Het is gekkenwerk om in deze tijd in een lange rij voor een gebouw te wachten. Als ik mijn boodschappen heb gedaan ga ik weer naar mijn appartement. Gelukkig is het daar een stuk koeler. Een mens is blijkbaar niet snel tevreden.

 

Op de schop

 

 

Na 16 jaar heb ik vandaag mijn grenen meubels van de hand gedaan. Een charitatieve instelling heeft ze meegenomen. Humanitas krijgt geld door de verkoop van deze meubels. ‘’ Ze zien er nog puik uit mevrouw’ zei de chauffeur die de meubels op kwam halen. Helaas is grenen uit de tijd’ zei hij weer.

‘Dat weet ik ’antwoorde ik. Dat is de reden dat ik nu wat moderne meubels heb aangeschaft.

 

Het afscheid deed mij herinneren aan de gezellige uurtjes bij de open haard, die zojuist door twee mannen werd meegenomen. Wie zal er nu bij deze haard gaan zitten, vroeg ik mij gelijktijdig af.

 

Het grenen Cd-kastje moest kosten wat kost blijven van mijn man. Zonde om weg te doen zei hij. Ik zet het op zolder neer voor de Cd’s die ik niet frequent afspeel.

 

De salontafel met z’n mandjes heeft veel dienstgedaan. Hoe meer mandjes, des temeer rommel. Waxinelichtjes, luciferdoosjes, muziek-Cd’s, zak pinda’s, van alles verdween in de mandjes. Die tijd is nu voorbij. Salontafels hebben wat te verduren. Kringen van hete theeglazen, vlekken en kale plekken zijn vakkundig door mijzelf verwijderd. Het bovenblad is geschuurd en in de olie gezet. Hetzelfde geldt voor een klein kastje voorzien van laadjes. Ook daar verdween het een en ander in. Wat heeft een mens toch een verzamelwoede.

 

De hoek tv-kast is ook een verhaal apart. Door de opstelling van het meubilair hebben wij en onze gasten door de loop der tijd nooit recht voor de tv gezeten. Nee, nooit meer een hoekkast.

 

Als laatste ging mijn eetkamertafel de deur uit. Daar heb ik wat uurtjes aan gezeten. Naast het gezamenlijk eten, deed de tafel dienst als tekentafel. Ik maakte quilts en geborduurde kaarten, ik las er mijn magazine en vooral schrijf ik mijn verhalen. Twee laden zaten erin, waarin bijna alles in verdween. Met een beetje weemoed zag ik ze een voor een vertrekken. Ik hoop dat andere mensen er nog veel plezier aan beleven.

 

De nieuwe meubels zijn zojuist binnengebracht. Ze zijn niet met de vorige meubels te vergelijken en zijn moderner, eigentijdser. Ik hoop er net zoveel plezier mee te hebben als de vorige die elk hun eigen verhaal hadden.

 

 

Door de ogen van een onkruid

brandnetels%201

Ik ben spontaan ontstaan uit een kwak van een vogel. Al vrij snel groeide ik op tussen allerlei planten. Ze gaven mij geen ruimte, maar ik groeide gestaag. Het regende dat voorjaar veel waardoor ik de kans kreeg om boven het gras uit te komen. Ondanks ik in slechte grond terecht bent gekomen hield ik stand. Eerst stond ik alleen, maar mijn nazaten komen nu in grote getalen voor. De meeste mensen moeten mij en mijn familie niet. Als ze niet uitkijken worden ze door ons geprikt. Reken maar dat de plek brandt. Eigen schuld, dikke bult. Iemand had een fikkie gestookt en wilde ons uitroeien. Dat is aardig gelukt. Bijna mijn hele familie is ter zielen. Mij hebben ze gelukkig ontzien, alhoewel ze hebben mij bijna platgetrapt en er is op mij gepiest door een grote hond. Ik stink een uur in de wind. Gelukkig ben ik een taaie, want mijn soort is bijna niet uit te roeien. Mijn naam is brandnetel.