Stank voor dank

thMOVW1CIV

 

Bij het instappen in mijn auto rinkelt onverwachts mijn Gsm. Ik neem op en hoor dat het mijn dochter is. Gelijktijdig zie ik dat een mevrouw haar boodschappentas naast haar auto neerzet. In haar linkerhand heeft ze een doos in haar handen en plaatst deze op het dak van haar auto. Daarna haalt ze haar autosleutels uit haar schoudertas. Ze opent haar achterportier en zet de boodschappentas op de achterbank neer. Even word ik afgeleid door het gesprek met mijn dochter die aan mij vraagt: ‘of ik al onderweg naar huis ben.’

‘Ik vertel haar dat ik zojuist de supermarkt heb verlaten en ik nu naar huis toe kom.’ Ik start mijn auto. In mijn gezichtsveld zie ik iets vreemds boven een paar auto’s uitkomen. Ik rijd het parkeervak uit en zie een auto het parkeerterrein afrijden met bovenop het dak van de auto een doos.

‘Oef! denk ik meteen. Dat is die mevrouw die met haar auto voor mij geparkeerd stond. Ze had de doos op haar autodak neergezet. Die heeft ze vergeten om in haar auto neer te zetten. Ik moet erom glimlachen. Het is zo’n gek gezicht zo’n doos bovenop een auto. Ik moet haar waarschuwen, mompel ik en rijd haar achterna het parkeerterrein af. Ze blijkt iets sneller te zijn dan ik. Halverwege de straat geef ik wat meer gas en geef een lichtsignaal. Ik zie dat ze remt. Wij rijden verder. De doos blijft, tot mijn verbazing, keurig staan. Net als ik de bocht neem geef ik weer een lichtsignaal en claxoneer ik. Aan haar lichaamstaal zie ik dat de vrouw waarschijnlijk geïrriteerd is. Ze zwaait met haar arm.

Ik voel mij opeens ongemakkelijk. Zal ik afhaken, vraag ik mij af? Mijn bedoeling is goed, alleen weet ze dat niet. Onverwachts zet ze haar auto aan de kant van de weg neer en stapt direct uit. Ik sta volop op mijn rem om te voorkomen dat ik tegen haar auto aan botst. Ze komt boos op mijn auto afgelopen. Ik stap niet uit en druk op een knop waardoor mijn raam van mijn portier automatisch opengaat. Meteen verheft ze haar stem en vraagt aan mij wat mij bezielt om lichtsignalen te geven en te toeteren. ‘Wil je mij soms voorbijgaan?’ schreeuwt ze. Ik laat haar even uitrazen. Haar antwoord geven heeft geen zin. Meteen heb ik spijt van mijn hulp. Ik ben haar geschreeuw opeens zat, onderbreek haar en zeg kalm: ‘Kijk eens op het dak van uw auto in plaats van tegen mij te schelden. Er staat namelijk een doos bovenop.’

‘Een doos! zegt ze verontwaardigd en draait zich meteen om. Er valt een stilte.

‘Als ik u niet gewaarschuwd had lag de doos nu ergens op de rijbaan. Ik zag op het parkeerterrein dat u de doos op uw autodak had neergezet omdat u uw handen vol had. Ik wilde u nog waarschuwen!’

‘Sorry! zegt ze tegen mij en ze loopt meteen naar haar auto toe. Ze haalt de doos van het autodak af en zet deze op de achterbank neer. Ik blijf nog een seconde wachten. Misschien komt ze nog terug. Ik zie dat ze even later haar auto instapt en wegrijdt. Ik ben stomverbaasd. Blijkbaar geneert ze zich voor haar gedrag. Een bedankje kan ik nu wel vergeten.  

Ik start mijn auto en rijdt dezelfde weg terug, maar nu richting huis. Op dat moment kan ik niet begrijpen dat iemand zo bot reageert. Ik voel mij bekakt en krijg stank voor dank. Het wordt eens tijd om mij voortaan niet meer met andermans zaken te bemoeien.

Bij thuiskomst vraag ik aan mijn dochter hoe haar dag is verlopen. ‘Goed hoor!’ mam, zegt ze. En die van u?’

‘Dat zal ik papa en jou vanavond wel vertellen, antwoord ik. En laat haar met een verbaasde blik in de woonkamer achter.  

   

  

3 reacties op ‘Stank voor dank

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s