Kassiére vijf

 

Els kijkt naar twee klanten die zojuist haar lopende band zijn gepasseerd. Ze voelt zich verveeld. Elke dag is het een terugkerend ritueel. Klanten komen en gaan. Mensen die hun boodschappen uit de winkelwagen halen, op de loopband zetten en daarna hun boodschappen in hun boodschappentassen doen. Er komen veel vaste klanten in de winkel. Ze kent hun niet bij de naam maar wel aan hun uiterlijk. Mevrouw Knot, zoals ze de vrouw aan haar opgestoken haar kent, komt steevast elke week op woensdag bruinbrood halen. Op de zaterdagen doet ze haar overige boodschappen. Altijd is ze alleen.

Karakteristieke passanten ziet ze voorbijkomen, zoals een forse man met een stevige neus. Zijn neus past bij hem. Hij blijkt een vinoloog te zijn verteld hij haar op een dag tijdens het neerzetten van verschillende flessen wijn op de lopende band. De man is zo bevlogen dat de andere klanten in de rij ongeduldig worden door zijn verhaal. Ze vertelt de man vriendelijk dat er nog meer klanten in de rij wachten.

Ook komt er steevast een klein meisje met haar mama boodschappen doen. Haar moeder legt dan wat lichte verpakkingen in het kinderwinkelwagentje, waarna ze samen naar de kassa toelopen.

‘Ik heet Kim zei ze op een keer. Mama doe de grote boodschappen in haar winkelwagen en ik de kleine. In het prille begin dat ze de supermarkt bezoeken, begrijpt Kim maar niet dat ze het winkelwagentje niet mee naar huis mag nemen, waarna ze in huilen uitbarst.

Altijd moet ze beleefd blijven tegen de klanten. Dat staat in haar arbeidscontract. Soms valt dat niet mee. Ze heeft van die klanten die ze liever ziet gaan dan komen. Chagrijnen die zich snel uit de voeten maken. Egoïsten en behulpzame mensen. Ze herinnert zich een lange man die een dame op leeftijd helpt met haar boodschappen inladen. Toen hij daarmee klaar was vergeet hij bijna zijn eigen boodschappenkar mee te nemen, waarop ze hem daarop attendeert. Hij bedankt haar.

Op een keer staat er een mager type man voor haar kassa. Hij is erg nerveus en dwingt haar om op te schieten.

‘Rustig aan mijnheer! zegt ze beleefd. U ziet toch dat ik bezig ben. Zijn boodschappen die zijn afgerekend gooit hij min of meer in zijn boodschappenkar.

‘Waarom heeft u zo’n haast mijnheer? Hij geeft haar geen antwoord. Bij de laatste boodschap vertelt ze hem hoeveel hij moet betalen, waarop hij onverwachts een sprintje trekt en met boodschappenkar en al de supermarkt uitrent. Het gaat zo snel dat de klanten in de rij en zij te laat realiseren dat de man een dief is. Ondanks het niet in haar aard is schreeuwt ze om hulp. Gelukkig zijn er klanten die de supermarkt binnenkomen zo alert, dat ze de man grijpen. De politie wordt gebeld en de man wordt afgevoerd.

Ze werkt het beste onder druk heeft ze gemerkt. Als het minder druk is moet ze als kassière de boodschappen terugbrengen die klanten op de valreep toch niet willen kopen en bij haar achterlaten naast de kassa. Dat vindt ze het vervelendste van haar werkzaamheden. Toch altijd glimlachen is de slogan.

Opeens hoort ze een stem door de intercom van de supermarkt. Kassière vijf! Er staat een aantal klanten in de rij die geholpen willen worden? Blijft u alert?

‘Een goedemiddag mevrouw!’ zegt ze tegen de eerste klant in de rij en geeft haar een gulle glimlach.

 

2 reacties op ‘Kassiére vijf

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s