Nacht in Parijs

 

Na een wilde rit met een taxi kwam Lia eindelijk aan bij haar hotel in Parijs. ‘Het is een gezellig familiehotel’ had de aardige vrouw van het reisbureau tegen haar gezegd.

De reis was niet zo vlekkeloos verlopen. In haar ogen was de taxichauffeur een racemonster van de eerste orde. Verkrampt zat ze samen met twee onbekende toeristen in de auto. Ze vond dat de man onverantwoord hard reed door de Wereldstad Parijs. Soms remde hij zo hard om een bijna botsing te voorkomen.

Bij het inchecken in een hotel in de buurt van het quatier Latin in Parijs vertelde de receptioniste aan haar dat ze met de lift of met de trap naar de derde verdieping kon gaan. De trap zag er zo smal uit, dat zelfs een volslank type met een koffer moeite had om naar boven te lopen. Ze koos voor de nostalgische lift die aan de buitenzijde was gemaakt van gekruld smeedijzer. De lift had zijn beste tijd gehad. Hij maakte zoveel lawaai dat ze blij was dat ze veilig op de derde etage was aangekomen.

Op een deur las ze het nummer 111 en stapte naar binnen. De ruimte was groot te noemen. Er stonden meubels in waarschijnlijk uit de tijd van Napoleon.

Nadat ze haar koffer had neergezet, deed ze de hoge ramen open voor wat frisse lucht. Het was druk in de lange straat zag ze. Ze liep naar een tweepersoonsbed toe en pakte haar koffer uit. Haar onderrug voelde verkrampt door de autorit. Op een piepklein balkon nam ze plaats op een stoel en keek de straat in. Na een half uur was ze het zat. Het autoverkeer was zo druk dat ze besloot om weer naar binnen te gaan.

Ze bekeek de éénpersoonskamer nog eens goed. Ze moest voor deze kamer meer  betalen dan een twee persoonskamer. Dit wist ze al jaren. Ze reisde vaak alleen als alleenstaande. Het was haar opgevallen dat er geen extra ruimte was voor een badkamer met toilet. In een hoek van de grote kamer was een soort houten bekisting gemaakt waarachter een provisorische douche was en een toilet. Ze wist niet wat ze zag. Had ze hier zoveel geld voor betaald? Schandalig vond ze het.

Teleurgesteld deed ze de kamerdeur achter zich dicht en ging naar beneden. Ze was toe aan een borrel. Over een paar uur zou een touringcar een aantal toeristen meenemen voor een avondrondrit door de stad. Zij had zich ook ingeschreven. Het diner was voortreffelijk vond ze. De stad was prachtig verlicht tijdens de rondrit. Ze genoot met volle teugen. Prachtige gebouwen en monumenten kwamen er voorbij. Een gids vertelde over de bezienswaardigheden van Parijs.

Nadat iedereen weer werd afgezet bij het hotel, ging ze weer terug naar haar hotelkamer. Ze zou een lang weekend blijven in deze drukke Wereldstad. Moe geworden van de dag ging na een douchebeurt naar bed. Even daarvoor had ze de overgordijnen dicht gedaan. Opeens kreeg ze een onbedaarlijke lachbui. Vanuit haar bed keek ze naar de opgerolde sprei die aan het voeteinde van het bed lag. Van dezelfde stof waren ook de overgordijnen gemaakt die voor de ramen hingen. De Fransen waren wonderlijke wezens vond ze. Schoon waren ze ook al niet. Ze had besloten om niet meer terug te gaan naar Parijs. Hotel The Ritz was voor haar veel te duur.

Het ergste was dat ze die nacht ook niet kon slapen van al het lawaai buiten. Bijna de hele nacht hoorde ze sirenes van ambulances. Bij navraag de volgende dag bij de receptie bleken er twee ziekenhuizen te zijn niet ver van het hotel verwijderd. Een dag eerder dan gepland vertrok ze via het Vliegveld Charles de Gaulle terug naar Nederland. Een francofiel zou ze zeker niet worden zijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s