Woonoord

 

Van een grote boerderij waar ze vijftig jaar met haar man had gewoond, was bijna de dag aangebroken om te gaan verhuizen naar een bejaardenappartement in Delft.

Haar dochter Corrie hielp haar moeder Nel om de laatste noodzakelijke dingen voor haar in te pakken. Dat was nog niet zo gemakkelijk. Wat mocht weg en wat niet? Alle persoonlijke dingen had ze voor haar op de eetkamertafel uitgestald.

Weken daarvoor had Nel met haar dochter besproken, dat het wennen zou zijn om van een grote boerderij te verhuizen naar een tweekamer appartement in een bejaardentehuis.

‘Bijna al uw huisraad moet weg moeder!’ vertelde Corrie voorzichtig aan haar.

Aan het huisraad kleefden herinneringen waar ze moeilijk afstand van kon doen.

‘Vaders armstoel gaat zeker mee Corrie. Ik zie hem nog zo zitten in zijn stoel voor het raam.’

‘De eetkamertafel met zes stoelen, het grote wandmeubel, twee bijzettafels en het tweepersoonsbed kunnen niet mee moeder. Daarvoor is het appartement te klein.’

‘Het tweepersoonsbed had zijn beste tijd gehad wist Nel. Ooit was het mahonie houten bed nog van haar ouders geweest. Ze had het gekregen voor haar huwelijk met Jan. Tijdens de hongerwinter in de Tweede Wereldoorlog hadden haar ouders een gebrek aan hout gehad. Op het laatst ging een groot deel van de inventaris in de houtkachel. Het was niet anders. Haar man Jan wilde eigenlijk een nieuw bed kopen voor hun, maar geldgebrek deed hun besluiten om het antieke bed in gebruik te nemen. Het was een pronkstuk en mocht absoluut niet weg volgens haar. Ze moest er niet aan denken om weer in de bedstee te slapen. Daar had ze als kind al in gelegen. De laatste jaren tijdens hun huwelijk, leek het alsof er houtwormen in het hout van het bed zaten. Soms hoorde ze geluidjes in het hout. Op een dag brak er spontaan een poot af, waardoor het bed scheef kwam te staan. Jan had provisorisch het bed gerepareerd. Nadien lag het bed niet zo lekker meer als voorheen, had ze tegen hem gezegd.

‘Boven op zolder staat nog een klein dressoir ma, zei Corrie weer en het ijzeren eenpersoonsbed van mij. Als u wilt kunnen die worden neergezet in het appartement. Bovenop het dressoir plaatsen wij dan de televisie.’

‘Dat is dan geregeld Corrie, antwoordde ze.’

‘Niet helemaal moeder en ze deed met de sleutel de deuren van het  woonkamermeubel open. Kijk eens wat u in de loop der jaren hebt verzameld?

‘Ik kan zo moeilijk afstand van mijn spullen doen.’

Samen plaatste ze het serviesgoed, bestek en andere snuisterijen op de eetkamertafel. Uit twee lades kwamen ook de nodige spullen. Achter een glazen deur stonden nog diverse beeldjes. De beroemde Hummelbeeldjes, zilverwerk en de nodige fotolijsten met foto’s.

‘Wil je wat van die Hummelbeeldjes hebben Corrie? Je mag alles meenemen hoor? Je bent tenslotte ons enige kind.

Hoe moest ze haar moeder vertellen dat deze spullen niet in haar interieur pasten. Een zilveren drinkbeker met haar naam Corrie erop pakte ze wel van de plank. ‘Die kinderbeker neem ik wel mee mama!’ antwoorde ze.

‘Nu de lampen nog. De staande lamp is een sta in de weg.’

‘Dat denk ik ook moeder. Blijft er over twee wandlampen en een paar plafondlampen.’

Het was een tijdrovende klus geweest om de huisraad uit de boerderij te verhuizen. Het merendeel ging naar een kringloopwinkel. Ze zag haar moeder lopen door de lege boerderij. Bedroefd keek ze uit haar ogen. Het viel ook niet mee om oudere mensen weg te halen uit hun vertrouwde omgeving. Het kon niet anders. Haar leeftijd en de nodige mankementen begonnen haar parten te spelen. Met haar man Ruud bracht ze nu het restant aan spullen naar haar nieuwe appartementje. Naast de vrachtwagen van de kringloopwinkel stond een kleine bestelbus. Die hadden ze gehuurd. Bij het inladen van de vrachtwagen viel één van de lades van de nachtkastjes van het antieke bed, op het plaveisel. De chauffeur pakte de lade op. Er viel iets uit zag Corrie. Ze liep naar het voorwerp toe. Het was een ketting met een gouden kruisje. Blijkbaar had ze het sieraad over het hoofd gezien bij het opruimen van de lade. Ze liep ermee naar haar moeder, die inmiddels in de autobus had plaatsgenomen. Ze zag haar met ineengevouwen handen zitten.

‘Kijk eens moeder, wat ik heb gevonden? Ze vertelde haar wat er zojuist was gebeurd.

Zichtbaar ontroerd, nam ze het kleinood in haar handen.

‘Dit kettinkje met het gouden kruisje Corrie, kreeg ik van je vader. Kort daarna stierf hij. Op een dag was ik het kwijt. Overal heb ik toen gezocht. Het is een geschenk uit de hemel.

Bij het wegrijden van het erf zag ze dat haar moeder nog een keer omkeek naar de boerderij waar ze vanaf haar trouwen met haar man had gewoond.

‘Dit kruisje Corrie en Ruud houd mijn herinneringen levend en geeft mij weer kracht om verder te gaan op mijn laatste levensweg.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s