Eenzame kerst

Het is kerstavond. Buiten ligt er een flink pak sneeuw ziet Gerda. Voor haar betekent dit dat ze niet naar buiten kan gaan. Ze is niet zo jong meer. Lopen in de sneeuw valt niet mee. Gelukkig heeft haar hulp Carla voor haar boodschappen gedaan voor de kerstdagen. Daar is ze haar nog steeds dankbaar voor. Van deze jonge vrouw heeft ze veel steun. Ze is getrouwd en ze hebben een baby die Josh heet.

Dit jaar wil ze weer Kerstmis gaan vieren heeft ze zichzelf beloofd. Vorig jaar had ze geen Kerstgevoel. Haar man Jan was na een kort ziekbed overleden. Hij houdt net als zij van feestdagen.

Uit de lade van haar buffetkast haalt ze een kerstslinger tevoorschijn, voorzien van kerstklokjes en lampjes. Ze legt het snoer op de vensterbank neer van het woonkamerraam en doet de stekker in het stopcontact. Kleine lichtjes dansen door de ruit.

Ze dekt de tafel met een wit damasten kerstkleed en zet twee borden klaar met bestek en twee kristallen wijnglazen. Dat vindt hij gezellig. Naast de borden plaatst ze twee kunstkerstboompjes. Ze hebben dit ooit samen gekocht bij een groot warenhuis.

Even later loopt ze naar de keuken en kookt haar eten. Daarna schept ze het eten op hun beiden borden. Ze neemt plaats aan de eetkamertafel en gaat zitten tegenover Jan zijn stoel.

‘Eet smakelijk Jan!’ zegt ze hardop. Ze prikt een paar sperzieboontjes op haar vork en eet ze op. Na een tijdje staat ze op, loopt naar de boekenkast en pakt de Bijbel. Ze gaat weer zitten en leest hardop voor.

‘Kijk Jan!’ mompelt ze. Maria en Jozef konden in hun tijd nergens terecht. Waar ze ook kwamen werd hun de deur gewezen. Uiteindelijk vonden ze een lege stal, waar hun zoon Jezus is geboren. Wat zou het leuk zijn om vanavond visite te ontvangen net zoals vroeger samen met de familie. Kinderen hebben wij nooit gekregen. Weet je nog dat wij samen onze eerste kunstkerstboom hebben gekocht. Onze poes klom op een keer in de boom die vrijwel direct omviel. Jij had er hard om moeten lachen. Toen hebben wij het jaar daarop meteen maar kunstkerstballen aangeschaft.

Haar ogen dwalen naar de twinkelende lichtjes in het raam. Ze voelen zwaar aan. Haar ogen vallen langzaam dicht. Wat sta je daar in het licht Jan?

Deugniet! Je geeft mij weer een knipoog, net zoals toen wij net verkering kregen.

Langs haar woning passeren mensen. De man kijkt door het raam.

‘Ach, Carla, volgens mij ligt mevrouw Ameling te slapen in haar stoel.’

‘Ik heb de sleutel bij mij Bernd. Bel maar niet aan de deur zegt ze tegen hem. Ze loopt de woonkamer binnen. Bernd met hun zoon op zijn arm volgt haar. Ze ziet de gedekte tafel voor twee personen. Ze pakt Gerda haar arm die langs de stoel hangt.

‘Gerda! Wordt eens wakker?’ zegt ze tegen haar.

‘Ik denk dat wij te laat zijn Carla’ zegt Bernd tegen haar.

Carla schrikt even en zegt: ‘Ik had haar nog wel een gezellige kerstdagen willen toewensen Bernd.

‘Blijkbaar heeft ze wel visite gehad!’ zegt hij weer.

‘Nee, Bernd, kijk maar. Het bord, bestek en het glas zijn niet gebruikt. Tijdens haar leven kon ze Jan niet loslaten. Ze was nog steeds in de veronderstelling dat hij nog leefde. Nu is ze bij hem op bezoek.

Ze pakt de Bijbel van het vloerkleed af. Blijkbaar heeft ze er nog in gelezen.

‘Het wordt een drukke kerst voor ons Bernd. Ik moet nu alles voor haar regelen net als tijdens haar leven.

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s