Onbewoond droomeiland (gepubliceerd)

 

Vanuit mijn positie tuur ik de zee in. De zon staat hoog aan de strakblauwe hemel en prikt in mijn ogen. Mijn oogleden voelen zwaar aan en ik ben moe. In de verte hoor ik de stem van mijn man Chris. Wat zegt hij nou? Het is onverstaanbaar voor mij. In mijn hoofd koester ik één moment van rust. Weer hoor ik zijn stem die langzaam verdwijnt.

‘Ach laat maar, mompel ik en heb geen zin om te reageren.’

Door mijn oogharen zie ik de zee, wat palmbomen en een heuvelachtig gebied met veel rotspartijen. Een valk vliegt hoog boven in de lucht. Mijn lijf tintelt en ik voel mij wegzakken.

Langzaam kijk ik zijwaarts. Ooit is het hier misschien bewoond geweest. In de heuvels lopen wat wilde geiten rond, maar er is geen mens te bekennen. De temperatuur voelt gevoelsmatig aan als boven de 25 graden en mijn tong is droog. Het laatste restje speeksel slik ik door. Een warm briesje doet mijn huid strelen en hoor ik het ruisen van palmbomen. Wat is het mooi hier. Op de zee na is er hier geen water te bekennen. Ik wil mijn dorst lessen, maar ik weet niet hoe. Ik roep de naam van mijn man, maar ik krijg geen reactie. Opeens krijg ik een idee.

‘Geitenmelk, dat ik daar niet meteen aan heb gedacht, daarmee kan ik mijn dorst lessen!’

Ik sla mijn blauwe badlaken om, sta op en loop naar een paar geiten toe die verderop aan de voet van een heuvel staan te grazen. En passant loop ik naar een van hen en probeer hem vast te pakken aan zijn hals. De geit mekkert en rent verschrikt weg. Snel ren ik achter het dier aan en verlies bijna een van mijn zwarte teenslippers. Verdorie nog aan toe, het moet toch lukken om de geit te melken. Ik maak de badlaken van mijn middel los en probeer de doek over het dier zijn kop te werpen in de hoop dat hij stil blijf staan. Na verschillende pogingen lukt het eindelijk! Maar de geit is sterk en probeert zich los te rukken. Zijn soortgenoten komen hem te hulp en mekkeren als jewelste. Stevig hou ik met mijn linkerarm de geit aan zijn hals vast en wil hem gaan melken, maar bedenk mij ineens dat ik geen kom of iets dergelijks heb om de geitenmelk in te doen.

‘Natuurlijk! dat is een idee, mompel ik!’

Met mijn rechterhand maak ik de strik van het bovenstuk van mijn rode bikini los. In deze cups met maat 100D kan er toch wel aardig wat melk in en leg de cups onder de geit neer. Voorzichtig pak ik de geit zijn spenen vast.

‘Hoe deed een boer dat ook weer bij een koe, mompel ik?’

De spenen glijden steeds uit mijn handen, omdat het verdoemde beest niet stil blijft staan. De geit protesteert, schudt met zijn kop en het badlaken valt in het gras. Hij is mijn gefriemel zat. Gauw rent hij naar de andere geiten toe en laat mij met ontbloot bovenlijf zitten op het gras, dat er bijna uitziet als een versleten tapijt. Snel pak ik mijn bovenstuk van mijn bikini en doe deze weer aan . Ik sla nu de badlaken om mijn taille heen. Vanaf mijn rug voel ik de transpiratiedruppels naar beneden glijden die blijven steken tot aan de rand van de badhanddoek. Het is warm, heel warm.

Wat hogerop zie ik de groene heuvels en loop er naar toe. Het citrusfruit hangt hier voor het grijpen in wat bomen. Met een gevonden tak probeer ik het fruit uit een boom te meppen, maar dat mislukt omdat ik te klein van postuur ben. Vogels vliegen verschrikt weg door het geweld. Ik voel dat mijn gezicht gaat gloeien van kwaadheid, ik wil nu wat drinken, want mijn tong voelt aan als een leren lap.

Ik loop nu wat verder de heuvels in. De beplanting woekert en wordt dichter. Er staan nog hogere bomen, maar zonder fruit. Het is mooi hier, veel groener dan onder aan de heuvels waar bijna alles dor is. Hier is het stil en ik wil hier eigenlijk niet weg. Nog steeds is er geen mens te bekennen, waar ik ook heen kijk.

‘Maar waar ben ik eigenlijk en waar is mijn man? Ik weet het niet. Wij hadden samen een vakantie geboekt naar een zonnig land, maar dit lijkt wel een onbewoond eiland op een paar dieren en vogels na.

´Wat kan het mij ook schelen roep ik met luide stem!’

Op dit moment geniet ik van de natuur met al zijn pracht, de vogels en de eigenzinnige geiten om mij heen. De geiten zijn mij nu gevolgd en zijn in mijn nabijheid. Een van de geiten begint te knabbelen aan mijn badlaken. Ik probeer het dier weg te jagen door te zwaaien met mijn armen. Hij kijkt mij aan en blijft onverstoord doorkauwen. Nu ben ik het zat en ruk mijzelf los. Snel ren ik naar beneden richting de kust. Ik struikel en krabbel weer overeind. Het getrappel van de hoeven van de geiten is hoorbaar en ik kijk achterom. Alle geiten rennen nu achter mij aan. Nu nemen ze mij te grazen denk ik. Mijn badlaken valt bijna van mijn middel af en met een van mijn handen vang ik de badlaken op en sleep deze achter mij aan. Net voor de zee, knoop ik het badlaken wat strakker om mijn middel vast. De geiten zijn nu wel heel dichtbij.

´Help Chris, help, schreeuw ik! en loop pardoes het water in.

‘Jillian, wakker worden, hoor ik iemand roepen, ik heb iets te drinken voor ons gehaald?’

Dat is de stem van mijn man hoor ik ineens. Met een slaperig hoofd wordt ik wakker.

‘Wat is er hier gebeurd Jillian? Je ligt als een rolmops in je badlaken op je ligbed met jouw voeten in mijn voetenbad?’

 

 

Ik wrijf in mijn ogen, fatsoeneer mijn lange, blonde haar en mompel: ‘ik werd achterna gezeten door een stel geiten op een onbewoonbaar eiland!´

‘Geiten, eiland, hoor ik hem zeggen? Je hebt wel een rijke fantasie schat, je weet toch dat wij op de tweede verdieping op ons terras zitten van ons appartement en kijken op de Spaanse kust met uitzicht op de heuvels!’

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s