Draaiduizeligheid. (BPPD)

images achtbaan.

De 25 oktober 2014 overkwam Jacintha iets vreemds. Tijdens de schemering werd ze wakker. In de nacht wakker worden was haar niet vreemd dat gebeurde wel meer. Blijkbaar hoorde het bij het ouder worde Het was niet aan leeftijd gebonden. Op het moment dat ze haar ogen opende lag ze op haar rug en keek naar het plafond die van links naar rechts bewoog. Meteen raakte ze in paniek omdat het draaien haar een onaangenaam gevoel gaf. Ze ging op haar rechterzij liggen, maar dat bleek geen goed idee. Het draaien werd erger en ze had het gevoel dat haar bed omhoog ging. Uit angst greep ze haar hoofdkussen en dekbed vast, maar niets hielp. Ze kreeg hartkloppingen van angst, begon hevig te transpireren en had het gevoel dat ze moest overgeven. Ze slaakte een kreet en riep luidkeels om hulp. Omdat haar echtgenoot in diepe slaap was, stond haar dochter als eerste aan haar bed en vroeg aan haar wat er aan de hand was. Ze vertelde haar wat haar zojuist was overkomen.

‘Ik durf niet meer te gaan liggen in bed, zei ze tegen haar.’

Ze bleef bij haar staan en ze probeerde op haar advies om toch te gaan liggen. Na een paar seconden ging ze weer overeind zitten, omdat de draaiduizelingen aanhielden en ging ze uiteindelijk haar bed uit. Het was nog vroeg in de ochtend. De wijzers van de wekker stonden op 05.45 uur.

‘Het is nog te vroeg om uit bed te gaan mam, zei ze weer.’

Intussen was haar man wakker geworden en vroeg wat er aan de hand was. Ze ging meteen uit bed, probeerde te douchen wat niet helemaal lukte, omdat de duizelingen er nog waren.

Haar man vroeg haar uit de douche te gaan, stel je voor dat er iets zou gebeuren. Met de shampoo nog in haar haren stapte ze uit de douche en probeerde zich aan te kleden. Eenmaal beneden zat ze gezamenlijk met haar man aan een vroeg ontbijt.

‘Wat zie je wit Jacintha!, zei haar man.’

Ze gaf geen antwoord en was met zichzelf bezig. De paniek had haar in de greep. Haar dochter bleef nog slapen, voor zover dat nog lukte, en ze bleef die zaterdagochtend uit bed. Ze voelde zich licht in haar hoofd en halverwege de middag belde ze de huisartsenpraktijk en vertelde haar relaas. Tijdens haar bezoek aan de arts, moest ze verschillende oefeningen doen, waaruit de arts constateerde dat ze de zogenaamde ‘draaimolenziekte’ had, of beter gezegd: BPPD (= benigne paroxismale positieduizeligheid).. Het hield in dat er onverwachts aanvallen ontstonden van duizelingen wanneer ze haar hoofd zou bewegen in welke stand dan ook of wanneer ze in haar bed zich om zou draaien. In het laatste geval was dat van toepassing op haarzelf. Het was absoluut geen pretje en ze wenste dit haar ergste vijand niet toe, voor zover ze die had. Kortom, de aanvallen duurde soms enkele minuten en een minuut was erg lang. Volgens de arts zou het over 4 weken over gaan. Het was nu haar tweede week en ze merkte nog steeds geen verschil. Overdag had ze een licht gevoel in haar hoofd wat niet prettig was. Met auto rijden moest ze ook oppassen had de arts gezegd. De draaiduizeligheid werd waarschijnlijk veroorzaakt door een ‘verstopping’ van de buisjes in haar evenwichtsorgaan. Er was medicatie voor, maar die gaf geen garantie of de kwaal daar mee over ging, sterker nog er was bewezen dat de kwaal zelfs langer duurde.

De arts gaf haar als advies dat bij BPPD ze oefeningen moest doen die de duizelingen juist deed oproepen.

‘Nee, toch!, riep ze tegen de arts, enigszins in paniek, ik ben juist blij als de duizelingen verdwijnen.’

‘Het is inderdaad moeilijk vol te houden zei de arts weer.’

Eenmaal thuis gekomen had ze de volgende dag, met lood in haar schoenen de opdracht uitgevoerd. Ze moest met gesloten ogen op de rand van haar bed gaan liggen en op haar zij draaien. Als de duizelingen opkwamen moest ze blijven liggen en wachten totdat het voorbij ging. Het zelfde moest ze ook doen op haar  andere zij.

Bij de eerste keer ging het al mis en sprong ze letterlijk en figuurlijk van haar bed af, omdat ze moest overgeven. Ze  besloot meteen om ermee te stoppen, zo gammel voelde ze zich. De angst om te gaan liggen in bed hield haar zo in de greep dat ze ’s avonds liever niet naar bed wilde, hoe gek het ook klonk. Misschien zou men denken wat een aanstellerij, maar de duizelingen waren zo heftig dat het niet leek op een simpele draaiing van een draaimolen, zoals werd gezegd. Als de duizelingen na 3 weken niet waren verminderd moest ze weer naar de huisarts.

Het zal je maar overkomen?

2 reacties op ‘Draaiduizeligheid. (BPPD)

  1. Nou Gemma toch wat ik dacht dat een stukje zou worden over de Efteling gaat wel een heel nare kant op. Nooit van gehoord deze kwaal. Hopelijk komt er snel verbetering in je toestand, het lijkt mij heel eng om mee te maken.

    1. Eerlijk gezegd Elsje had ik tot 25 oktober jl. ook nog nooit van deze kwaal gehoord. Wel als men over de ziekte van Ménière heeft, die veel erger is en onder deze categorie valt. Bedankt voor je bericht.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s