Overpeinzing

images222

 

Bedachtzaam kijk ik naar mijn samengevouwen handen. Ze lijken op die van haar. Stijf van de reuma. Magere vingers met op de middelste kootjes grote- en kleine knobbels. Mijn beiden pinken wijzen naar binnen toe. Het enige dat ze niet had is de kromgetrokken vingertop van mijn rechter wijsvinger.

Met ‘haar’ bedoel ik mijn moeder die 87 jaar is geworden en net als ik in haar eigen huis is blijven wonen, nadat vader is overleden. Ik ga wat rechtop zitten en zie vanuit mijn leunstoel haar foto staan op mijn noten houten, dressoir. De foto zit in een simpel houten lijstje, dat bijna uit zijn frame valt. De zon schijnt in mijn woonkamer en door het licht spiegelt mijn silhouet in het fotoglas. Ik draag mijn grijze haar in een knot, net als zij.

In gedachten ga ik terug in de tijd. Door de ogen van een meisje van negen jaar, zie ik mijn moeder zwoegen in het huishouden. Ze schuurt de houten vloeren met een harde borstel en wat scherp zand. Even daarvoor heeft ze het smyrna vloerkleed uitgeklopt met een mattenklopper op een open plaats achter het huis. De kleding wordt gewassen in een grote wastobbe met bijbehorende wringer, die er voor zorgt dat het overtollige water uit de kleding wordt geperst.

Tien jaar na de Tweede Wereldoorlog kochten mijn man en ik de eerste wasmachine, stofzuiger en in de loop van de tijd meer huishoudelijke apparaten. Mijn moeder had de nieuwe goederen met lede ogen bekeken. Hoe kon zo’n wasmachine nou schoner wassen dan haar wastobbe. Al gauw moest ze toegeven dat het huishoudelijke werk minder zwaar was voor haar dochter dan voor haarzelf.

Nu heb ik zelf een dochter. Jacintha is van middelbare leeftijd. Samen met haar man komt ze elke zondag bij mij op bezoek in haar ouderlijk huis.

Mijn dochter heeft ook de tekenen van reuma in haar handen had ze gezien. Blijkbaar heeft ze het van mij en haar oma geërfd.

Plotseling zingt de koekoek in de klok drie keer zijn deuntje. Ze zijn één uur te laat. Altijd komen ze op tijd, bedenk ik mij opeens. Het wachten maakt mij ongeduldig en moe. Na verloop van tijd voel ik mij langzaam wegzakken en kan mijn ogen niet open houden.

‘Dag moeder, wat staat u daar in een helder licht. Het lijkt wel of u mij roept?

‘Ach Frank, kijk nou toch eens, daar zit mama met samengevouwen handen weggezakt in haar noten houten, leunstoel. Ze lijkt op de foto van oma die daar op het dressoir staat. Die zit namelijk ook in dezelfde houding net als zij.’

‘Mama, wij zijn wat laat! wakker worden?’

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s